Wat is 'vrijgemaakt'? - (Een stukje geschiedenis)

Er is sinds de dagen van de apostelen veel gebeurd, ook in de kerk. De geschiedenis van de kerk kent hoogte- en dieptepunten. Al sinds de eerste eeuwen na Christus zijn er dwalingen voorgekomen: Er werden zaken verkondigd die niet volgens Gods Woord waren. Ruzies en kerkscheuringen waren vaak het trieste resultaat. Het gevolg: een grote kerkelijke verdeeldheid. Vooral in Nederland komt deze verdeeldheid tot uiting. Er zijn weinig plaatsen met zoveel aparte kerken en kerkjes als juist in Nederland.

De zestiende eeuw

In de zestiende eeuw was er in West-Europa nog geen sprake van grote kerkelijke verdeeldheid. Er was een kerk, die vanuit Rome geleid werd. Er was verval ingetreden. De bevrijding door het geloof was voor velen niet meer de basis voor het kerklidmaatschap. Rituele handelingen, heiligenverering en geloof in bevrijding door goede daden hadden de kern, de bevrijding door het geloof in Christus, weggedrukt. Mensen als Luther en Calvijn hebben ingezien, dat er een hervorming van de kerk moest komen. Zij benadrukten de rijkdom van het echte evangelie. Deze boodschap sloeg in Europa niet overal even goed aan. In sommige streken was de hervorming of reformatie een groot succes, andere streken werden nauwelijks beinvloed. Sinds deze tijd is er sprake van protestantse kerken, protesterend tegen de misstanden die er in de kerk waren. In ons land waren veel aanhangers van deze reformatie. Deze reformatie leidde zelfs tot het ontstaan van Nederland als natie. Na de tachtigjarige oorlog (1568-1648) was de hervormde of gereformeerde kerk (twee namen voor toen nog dezelfde kerk) de belangrijkste kerk in ons land.

De negentiende eeuw

Een paar eeuwen na de reformatie is de hervormde kerk in een crisis beland. De kerk heeft de status van staatskerk bereikt. De vrijzinnigheid neemt toe. Er wordt niet meer zo volgens de Bijbel geleerd en gepreekt als in de dagen na de reformatie. Twee keer komt het tot een soort opwekking binnen de kerk, in 1834 en 1886. Beide keren leidt dit ertoe, dat zij, die pleiten voor een nieuwe hervorming uit de kerk worden gezet. Vanaf 1892 vormen de gelovigen uit deze twee groepen, uit de zgn Afscheiding en de zgn Doleantie een nieuw kerkgenootschap: de gereformeerde kerken in Nederland. Uit de afscheiding, de groep uit 1834 gaan een aantal gelovigen niet mee in deze gereformeerde kerk, zij vormen de Christelijke Gereformeerde kerk.

De twintigste eeuw

In de jaren dertig en veertig van de twintigste eeuw ontstaat er binnen deze gereformeerde kerk onenigheid over de doop. De synode, een landelijke vergadering van afgezanten van de kerken, neemt in de periode 1942-1944 een beslissing. Hierdoor ontstaat er een heftige discussie over het gezag van de synode. Een grote groep, die zich niet kan verenigen met het synodebesluit, maakt zich van dit besluit vrij en wordt vervolgens de kerk uitgezet. Hierdoor is de gereformeerd-vrijgemaakte kerk ontstaan.'Vrijgemaakt' is eigenlijk een bijnaam; er zijn nu twee genootschappen met een naam: Gereformeerde Kerken in Nederland. De andere kerk met deze naam wordt ook wel aangeduid als 'synodaal'.

In de jaren '60 scheidde zich om een aantal redenen (o.a. een te 'strak' kerkverband, te veel nadruk op dogma's en leerstukken) nog een groep zich van deze vrijgemaakte kerk af. Deze groep is nu bekend als de Nederlands Gereformeerde Kerk.

De eenentwintigste eeuw

De diverse kerkgenootschappen hebben elkaar nooit uit het oog verloren. Het samen-op-weg proces tussen de Hervormde, Gereformeerde (syn.) en Lutherse kerk is daar een voorbeeld van. Er is ook tussen de vrijgemaakte en christelijke gereformeerde kerk sprake van toenadering, al gaat dit soms moeizaam. In sommige plaatsen heeft dit al geleid tot wederzijdse erkenning van beide kerken als onderdelen van Christus' ene grote Kerk.