![]() |
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
EredienstTwee keer per zondag wordt er in het kerkgebouw aan de Maerten Trompstraat een kerkdienst gehouden. Beide diensten bestaan uit een aantal vaste onderdelen. Er zijn ook een aantal onderdelen, die niet elke dienst terugkeren. Een korte uitleg: Votum, ZegenDe kerkdienst begint en eindigt met een heel belangrijk onderdeel: de zegen. Aan het begin van iedere dienst zingt de gemeente het zogenaamde votum: Onze hulp is in de naam van de Heer, die hemel en aarde gemaakt heeft (Ps 124:8). Namens God Zelf brengt de predikant daarop de zegen. Hij kan dat doen met de tekst van 1Cor 1:3, Opb 1:4b,5a of met de woorden: Genade zij u en vrede van God de Vader, door onze Here Jezus Christus in de gemeenschap van de Heilige Geest. Als antwoord hierop zingt de hele gemeente: Amen.. Aan het einde van de dienst wordt de gemeente nogmaals zegenend toegesproken, nu met de woorden: De HERE zegene u en behoede u; de HERE doe zijn aangezicht over u lichten en zij u genadig; de HERE verheffe zijn aangezicht over u en geve u vrede (Numeri 6:24-26), of met: De genade van de Here Jezus Christus en de liefde van God en de gemeenschap van de Heilige Geest zij met u allen. (2 Cor. 13:13). Ook nu be-aamt de gemeente dit zingend. Psalmen en gezangenIn een dienst wordt veel gezongen. Dit is een
van de manieren waarop de gemeente het woord neemt. Soms om Gods Woord
te be-amen, soms als schuld- of dankgebed, soms om God te loven. Voor
het zingen wordt gebruik gemaakt van de berijmde versie van het
gezangboek dat de oudtestamentische Joden al gebruikten: de Psalmen.
Als aanvulling op deze psalmen zijn een aantal gezangen in gebruik.
Deze psalmen en gezangen zijn te vinden in het psalmboek dat sinds 1985
in onze kerken is ingevoerd. Daarnaast worden er sinds kort een aantal
liederen uit het Liedboek voor de Kerken gebruikt. Sinds kort wordt ook
nog gezongen
uit de bundel van 90 gezangen die door de vorige synode is vrijgegeven.
Dit
alles wordt begeleid door het orgel, door een elektronische piano of
door de SingIn band. PreekEen groot deel van de dienst is ingeruimd voor de preek. In de preek, een soort voordracht die tot ongeveer een half uur duurt, legt de voorganger de Bijbel uit, en vertelt ook wat dat voor ons als christenen in de dagelijkse praktijk betekent. Meestal is 's morgens het onderwerp van de preek een tekst uit de Bijbel. De voorganger is vrij om deze tekst te kiezen. In de middagdienst wordt er een gedeelte uit de Catechismus behandeld. In de Catechismus wordt door middel van vragen en antwoorden een samenvatting gegeven van het geloof. De preken hierover hebben een onderwijzend karakter. Behalve deze tekst of de catechismus worden als inleiding op de preek nog enkele gedeelten uit de Bijbel gelezen. GebedIn een kerkdienst wordt ook gebeden. In deze gebeden komt Christus' gemeente tot God om schuld te belijden, en Hem te danken voor verlossing van die schuld. In het eerste gebed van de dienst wordt ook om zegen over de verdere dienst gevraagd. In het laatste gebed wordt meestal ook zegen gevraagd voor overheid, rampgebieden in de wereld, gemeenteleden in specifieke omstandigheden (in het ziekenhuis, of in rouw), enzovoort. Ook het gebed dat Jezus zelf ons geleerd heeft, het Onze Vader, wordt vaak gebeden. CollecteOok een onderdeel van de dienst is de collecte. De collecte is het deel van de eredienst waarin wij een deel van wat God ons geeft aan God teruggeven als blijk van dankbaarheid. Sommige collectes hebben een speciale bestemming. Dat kan zijn naar aanleiding van (natuur)rampen, maar ook voor projecten in derdewereld landen. DoopSoms wordt er in de dienst iemand gedoopt. De doop kan worden bediend aan volwassenen die tot geloof gekomen zijn of aan kinderen van gelovige ouders. Bij de doop wordt het hoofd van de dopeling in de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest besprenkeld met water. Dit water stelt het afwassen van de zonde voor. De doop is het teken van het verbond met God: Hij neemt de dopeling als Zijn kind aan, bevrijd hem/haar van de schuld en het kwaad en zal altijd een steun en toeverlaat voor de dopeling zijn. In dit verbond wordt van de dopeling verlangd, dat die de enige God, Vader, Zoon en Heilige Geest aanhangt en vertrouwt met heel zijn hart, ziel, verstand en al zijn krachten. Avondmaal (mpeg)Voordat Jezus zich liet kruisigen, brak Hij het
brood en gaf het Zijn discipelen. Ook liet Hij een beker wijn rondgaan
en gaf opdracht aan de discipelen, dit te blijven doen. Brood en wijn
zijn symbolen voor het lichaam van Christus en Zijn bloed, gegeven en
vergoten om ons en onze schuld met God te verzoenen, goed te maken. Als
wij het avondmaal vieren, laten ook wij brood en wijn rondgaan. We
zitten dan als het ware bij Christus aan tafel. Het avondmaal
wordt zes zondagen per jaar bediend in zowel de morgen- als de
middagdienst.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||